Herinneringen van een oud-schoolmeester

Herinneringen van een oud-schoolmeester

In 1958 werd met de bouw van de Tarcisiusschool aan de Smeekweg begonnen. Gedurende de bouw zaten de klassen 4, 5, en 6 op de bovenverdieping van het KJ.C.gebouw. Dat gebouw heet nu Schering en Inslag. Op zolder waren de klassen ingericht op nogal primitieve wijze. De verwarming bestond uit grote kolenkachels, Salamanders geheten. De leerkracht zorgde zelf voor de kachel en zo kon het dan ook gebeuren dat de kachel loeiheet of ijskoud was. De klassen 1,2 en 3 hadden onderdak gevonden in enkele lokalen van de Jozefschool, nu een scholengemeenschap.

Dit artikel is afkomstig uit Kwartaalbericht 095 [2006-1]. Leden van de Historische Kring Laren ontvangen dit kleurrijke boekje 4 keer per jaar. U kunt hier lid worden. Losse nummers zijn à € 4 per stuk in de Lindenhoeve te koop, zolang de voorraad strekt.

Jan Vos

Het grote probleem van deze inwoning was de samenstelling van de scholen. De Jozefschool was een meisjesschool en de Tarcisiusschool een jongensschool. Dat kon nooit goed gaan vonden de zusters: jongens en meisjes zo dicht bij elkaar. In de klas zaten ze gescheiden, maar op de speelplaats?

Een oplossing werd gevonden door op de speelplaats een streep te trekken. Aan de ene kant mochten de meisjes spelen en aan de andere kant de jongens. De hoofdzuster lette er streng op of er geen jongens of meisjes over de “schreef” gingen. Vooral de jongens van de derde klas gingen nog wel eens over de grenzen van hun jongensdomein. Wat de hoofdzuster menigmaal tot wanhoop dreef waren de briefjes welke sommige jongens naar hun favoriete mede-meisjesstudenten stuurden. Briefjes in de trant van: “Ik wacht op je na school” of “wil je met me lopen?”. Wee het arme meisje dat inging op de avances van zulk een briefschrijver. Haar wachtte de straffende hand van de hoofdzuster. Werd er een briefschrijvertje gesnapt dan werd dit doorgegeven aan de leerkracht van de betreffende zondaar. De zuster verwachtte dat de “dader” gestraft zou worden. Ik kan me niet herinneren ooit zo’n knaapje op vrijersvoeten gestraft te hebben.