Burgemeester van Nispenstraat 29, 1251 KE Laren

Mijn oude buurt

Mijn oude buurt

Ik kom van het Smidslaantje nr. 3, waar rechts van ons “Schele Mossel” woonde en aan de linkerkant de familie Lokker. Tegenover ons woonde Jaap Vos met zijn gezin en daarnaast Tante Kee Vos.

Dit artikel is afkomstig uit Kwartaalbericht 111 [2010-1]. Leden van de Historische Kring Laren ontvangen dit kleurrijke boekje 4 keer per jaar. U kunt hier lid worden. Losse nummers zijn à € 4 per stuk in de Lindenhoeve te koop, zolang de voorraad strekt.

Willem Schoon uit Bladel (NB)

De P.C. van de Brinkweg was in de winter erg glad, omdat wij altijd de wagentjes van de gemeente leeg gooiden op de Klaaskampen en de St.Janstraat; dat waren karretjes, die in de zomer werden gebruikt om de paardendrollen op te ruimen. Het waren halfronde ijzeren karren met aan weerszijden een bezem en een bats, die in de winter gevuld waren met zand.

Klaaskampen

Op de Klaaskampen , naast de melkfabriek – woonde vroeger Taxi Grob. Een van de chauffeurs reed altijd onze met veel moeite gebouwde sneeuwpop omver, totdat wij een putijzer van de gemeentewerkers hadden gevonden en er de sneeuwpop omheen bouwden. Hij heeft daarna nooit meer een sneeuwpop omver gereden. Wij hadden ook eens een pop tegen de deur van mevrouw Lokker gezet en daarna aangebeld . De poffertjeskraam stond in die tijd bij de notenboom op de hoek van de Barbiersweg, waar nu een mode- en een schoenzaak is gevestigd, naast de platenzaak van Calis. Tijdens de oorlog was achter de platenzaak de paardenstal van de Duitsers. De Gooische Moordenaar reed toen door Laren naar Malbak (Blaricum) en het Laarder Hoogt. In de oorlogstijd hebben wij bij het stationnetje dikwijls kolen geraapt voor ons thuis. Ik herinner mij ook nog dat er een nieuwerwetse machine kwam op het Brinkje (Klein Laren) bij Majoor om koren te dorsen en dat wij bij ons om de hoek ook vaak gingen kijken als er bij Bakema een paard werd geslacht. Ik heb in Laren ook op de kleuterschool gezeten bij de nonnen naast het zusterhuis op de Brink. 

Bij kruidnier Verver op de hoek van de Melkweg en het Zevenend deden wij al onze boodschappen; Hij kwam ook thuis om de boodschappenlijst op te nemen. 

Op de Kloosterweg woonde Kees Poe; een van zijn zoons was met een zus van mij getrouwd. Rein bulletje woont er nog. 

De klokken uit de Basiliek

Toen uit de Basiliek de klokken door de Duitsers werden meegenomen was ik er ook bij. De soldaten verbleven toen in onze broederschool. Later kwamen er ook soldaten – Engelsen en Canadezen – op de Brink. In de oorlog heeft mijn vader met Jan Schaapherder tabaksbladeren gedroogd bij ons thuis op de zolder. Ook heb ik gewerkt bij de tapijtfabrieken van Willard en van de Brink en Camp­man. Na de oorlog hebben wij (Sjaak Lokker, Frits Hilhorst en Chris Puijk) veel kattenkwaad uitgehaald; van Chris heb ik toen leren roken.Een zus van mijn vader was getrouwd met Jan Tak, die in Rotterdam is overleden. In Laren hadden wij ook een paar vreemde figuren zoals Bram koele koele (Bram Bijl), Koetje (Meindert Rebel) en Tinus de Toeter of Ganzekont of Joop Tak met zijn oud papierhandel. En wat wij ook deden was vechten met de Hilversum­mers, achter de water­toren met zelfgemaakte wapens zoals pijl en boog, kriekenbuizen of katapult. 

Dit zijn zo wat losse- soms wat onsamenhangende- herinneringen uit mijn jeugd, waarover ik nog veel meer zou kunnen vertellen.