Burgemeester van Nispenstraat 29, 1251 KE Laren

Jeugdige brandstichtster te Laren

Jeugdige brandstichtster te Laren

Op 6 oktober 1722 stond Jannetje Claas Proel terecht voor poging tot brandstichting. Hieronder een gedeelte van het verhoor en vonnis, zoals dat is vastgelegd in de Criminele Rol van Naarden. 

Dit artikel is afkomstig uit Kwartaalbericht 146 [2018-4]. Leden van de Historische Kring Laren ontvangen dit kleurrijke boekje 4 keer per jaar. U kunt hier lid worden. Losse nummers zijn à € 4 per stuk in de Lindenhoeve te koop, zolang de voorraad strekt.

F.J.J. de Gooijer*

Verhoor en aanklacht 
Jannetje Claas Proel tussen 13 en 14 jaar uit Laren … in een kopje een koolvuur van de haart van haar vader Claas Jansz Proel hadde genomen en t’selve gelegt onder een schelf stroo, groot 300 bossen, staande omtrent 1 a 2 voeten ten zuyden het huijs alwaar haar vader en moeder in was wonende, dat daar kort als de voorn schelf stroo beginnen te smeulen en enigsints van brand te geraken gelukkig is geblust geworden. Dat sij gedetineerde vervolgens siende dat haar onnatuurlijke voornemen was mislukt te selvigen dage des namiddags tusschen drie en vier uijren (als wanneer haar gedetineerde moeder bij een van haar buren was gegaan) weder heeft genomen enig vuur van de voornoemde haardstede en t’selve gelegt onder een schelf stroo staande ten zuyden omtrent 5 a 6 voeten van het voorn huijs alwaar de wint als doen op was aankomende waardoor dezelve mede in brand is geraakt en geheel verteert geworden en door ’t welke brand vervolgens de bomen tegen de voorn schelf stroo gestaan hebben de voor een gedeelte als mede de want van de voorn schuur en het riete dak aan brand is geraakt … datsij sulx hadde gedaan om seeckere Barber Piters (die op cragtige presentie ter sake voorn op de Stadhuijze alhier enige tijd heeft gezeten) te beschuldigen uijt nijdigheit, en was het mogelijk gem. Barber Piters te brengen in handen van justitie. Dat sij gedetineerde enige tijd geleden een doosje en daarin 10 duyten hadde genomen uijt het huijs van Lamb. Jansz tot Laren toebehorende deselfs dogter … enz sal werden gebragt ter plaatse daar men alhier gewoon is publicque Criminele justitie te doen, en aldaar door de scherpregter gebragt te werden aan een paal daartoe opgerigt, vervolgens een weijnig gewurgt en alsdan brandende stroo in haar aangesigt geblakert te werden totdat er de dood opvolgt,en dat het dode lighaam vervolgens sal werden gezet op een rad buijten deeze plaatse op den galgeberg.

Vonnis 
De voornoemde Jannetje Claas Proel ter opgemelde sake gebragtte werden ter plaatse daar men alhier gewoon is publique Criminele Justitie te doen omme aldaar wel strengelijk met roeden te werden gegeesselt, met een bos stroo hangende boven haar hooft, en vervolgens van daar weder te werden gebragt voor dat deselve bos stroo in volkomen brand en vlammen zal wesen gestelt, bannen haar voorts, voor altoos uijt de Lande van Holland en Westvriesland, sonder oijt daar weder te mogen komen, op poene van swaarder straffe.

Opmerking
De aanklager en eiser in dit proces was de Schout van Naarden. De eis was meestal onmenselijk. In dit geval martelen tot de dood erop volgde. Het martelen vond openlijk plaats naast het Stadhuis in de huidige Raadhuisstraat. Aldaar werd een schavot opgericht. De scherprechter was steeds de beul uit Haarlem. De Galgeberg lag aan de Bussummer Vaart aan de huidige Jan Steenlaan. Het vonnis werd geveld door de Schepenen van Naarden. Vaak werd de onmenselijke eis afgezwakt. Na de verschrikkelijke afstraffing werd de jeugdige Jannetje Claas Proel verbannen uit de gewesten Holland en Westvriesland. Onder het luiden van het stadhuisklokje werd iedere verbannen persoon de stadspoort uit geleid. In dit geval via de Utrechtse poort. In de praktijk betekende dit, dat Jannetje zich kon vestigen in het gewest Utrecht. Zij kon gaan wonen in Eemnes op een steenworp van haar geboortedorp Laren. Haar vader Claas Jansz Proel komt voor in een geschrift van Lambert Rijcksz Lustigh.

* Frans de Gooijer heeft zich decennia lang ingezet voor het levend houden van het erfgoed van de Erfgooiers; veel kennis vergaard over de geschiedenis van het Gooi en deze uitgedragen en beschikbaar gesteld. Frans is in 2017 overleden.

Het halfronde stadhuisraam in Naarden diende voor de schandkooi