Garage van Amersfoort: over Koen, Koen en Koen
Koen van Amersfoort, garagehouder in ruste, vertelt over zijn opa Koen, zijn vader Koen en over zichzelf.
Mooie verhalen heeft hij.
Dit artikel is afkomstig uit Kwartaalbericht 169 [2024-3]. Leden van de Historische Kring Laren ontvangen het kleurrijke glossy magazine 4 keer per jaar. U kunt hier lid worden. Losse nummers zijn à € 9,50 per stuk in de Lindenhoeve en bij Bruna en de Larense boekhandel te koop, zolang de voorraad strekt.
Tekst: Elize van der Werff

Opa Koen (11/02/1886 – 23/11/1974)
Eigenlijk heten deze drie generaties Van Amersfoort allemaal Koenraad, maar de roepnaam Koen is consequent van vader op zoon overgedragen.
In 1912 neemt Opa Koen (hij is fietsenmaker) de rijwielzaak van Timperley over, op de hoek van de Klaaskampen en het Schoutenbosje. De eerste auto die Koen koopt bestaat eigenlijk uit twee delen. Hij koopt een chassis in Amersfoort en laat er door het carrosseriebedrijf van de firma Van Bronkhorst uit Hilversum een opbouw opzetten. Er rijden op dat moment slechts twee auto’s in heel Laren. Zijn auto verhuurt hij en later verzorgt hij er taxiritten mee.



Rond 1920 gaat Koen ook zieken vervoeren. Op één chassis kunnen verschillende carrosserieën gezet worden: één om de auto als taxi te laten dienen en één voor ziekenvervoer. Koen richt zich vanaf dan alleen nog op auto’s en wordt merkdealer. De fietsenwinkel doet hij over aan Hilhorst op de Nieuweweg.
In 1925 schaft Laren een brandweerauto aan, Koen bouwt een garage voor de auto, doet het onderhoud, hij rijdt op de wagen en bedient de pomp, hij krijgt voor dit alles vijf gulden per week van de gemeente. Tot 1947 heeft hij dit gedaan. Dan wordt hij benoemd tot erelid van de vrijwillige brandweer en komt al het materieel onder beheer van de gemeente. In 1951 wordt Koen 65 jaar, zijn zoon zet officieel de garage voort, maar Koen geeft nog heel lang advies, maakt praatjes met iedereen en vertelt de monteurs in ingewikkelde gevallen hoe het moet met een motor-met-kuren, want hij heeft tenslotte ontzettend veel ervaring. In 1962 wordt een gouden jubileum voor Koen gevierd met een receptie in ‘La Provence’. Burgemeester Van der Ven en meer dan 200 andere mensen bezoeken de receptie. Van Amersfoort krijgt kisten vol sigaren (wat een andere tijd was het toen, hè), zeven taarten, 150 bloemstukken, en 20 fruitmanden.


Groot ongeluk
Opa vertelde over het grote ongeluk op het kruispunt A1 (toen nog Rijksweg) en Hilversumseweg. En Koen haalt er een boekje van Bep De Boer bij: “Kijk hier staat het allemaal in.” Op maandagmiddag 26 september 1932 om 3:00 uur reden de Gooische tram en een Duitse bus tegen elkaar. De Gooische tram was om kwart voor drie uit Hilversum vertrokken naar Laren. De Duitse bus was een voor personenvervoer ingerichte vrachtauto uit Bottrop, een soort reguliere dienst die ieder weekend vanuit Bottrop Den Haag, Haarlem en Amsterdam aandeed. Dit was toen een goedkope manier om je familieleden in Nederland te bezoeken. De Duitse vrachtauto had drie banken in de lengterichting met zeildoek eroverheen en er zaten 35 personen in, die terugkeerden naar Bottrop. Volgens De Boer was het een vrolijke bedoeling in de vrachtauto, er werd gezongen, onder begeleiding van een mondharmonica, en het zou zomaar zo kunnen zijn dat de chauffeur door het vrolijke gezang de signalen van de tram niet hoorde. Toen hij de tram zag, is de chauffeur ontzettend hard gaan remmen en ging de bus slingeren, de chauffeur probeerde daarna nog voor de tram langs te komen door vol gas te geven, alleen, het was te laat: de tram ramde de bus.
Kijk naar de foto wat een schade dit aanrichtte, overal lagen mensen te kermen van de pijn, de gewonden werden in het gras gelegd; de politie belde alle huisartsen van Laren en Blaricum en die waren snel ter plaatse. Opa Koen was juist bij wethouder Drukker, in de villa Herdershoeve, ook hij rende naar buiten, overzag de situatie en zag een platte vrachtwagen staan, hij stapte in en reed naar de plaats waar de gewonden lagen. De huisartsen legden de gewonden op de vrachtauto en Koen reed heel, heel langzaam met 12 gewonden via de Nieuweweg naar het Sint Jansziekenhuis. Dit was dus ziekenvervoer met andermans auto, maar wel een hele goeie actie. Er waren tenslotte vier doden en 25 gewonden.




Nieuwe ziekenauto
Koen : Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat er een nieuwe ziekenauto kwam bij opa, ik was een jaar of vijf en vond hem prachtig. Het was een Chenard Walcker, een fijne, ruime ziekenauto. Een keer was een motorrijder aangereden en naast de motorrijder op de brancard is toen ook de motor in de ziekenauto gezet om naar de garage, die vlak bij het ziekenhuis was, te brengen. Dat leverde voor één vervoer, twee keer geld op. Er was ook een groot vertrouwen in ons bedrijf. Vroeger moest eerst een arts naar een gewonde kijken, voordat deze door de ziekenauto meegenomen mocht worden. ik weet nog dat het vreselijk hard regende, dat de arts kwam, zijn raampje open draaide, keek, en zei tegen ons: “Jullie redden het wel.”
Nog een mooi verhaal: de schilder Kranenburg liet ook zijn auto repareren bij ons, en op een goed moment kon hij niet betalen en gaf een schilderij van t’ Bonte Paard. Opa kijkt naar het schilderij en zegt: er zit geen lijst om. Kranenburg zegt: een lijst is duur, die kan ik niet betalen. Opa geeft Kranenburg 25 gulden en heeft er jaren later zelf maar een lijst om gezet.


Vader Koen (17/5/1914 – 27/11/1993)
Als zijn vader 65 wordt, neemt Koen, vader van Koen , de zaak over. Eigenlijk is het geen overnemen, het is een familiebedrijf en iedereen werkt mee.
Vanwege het ziekenvervoer voor heel Blaricum, Eemnes en Laren moeten er altijd twee mensen beschikbaar zijn. Veel op vakantie gaan is er dus niet bij voor de familie. Het is eigenlijk wel heel bijzonder dat dit vervoer zo lang door particulieren gedaan wordt. Pas in de jaren ‘70 is daar een eind aangekomen. In 1979 zijn enkele personeelsleden en de ambulance overgenomen door broeder De Vries .
Koen : Toen ik een jaar of 16 was moest ik al mee. Als er ergens iets gebeurd was, moest helpen met de gewonde in de auto leggen. Ook gebeurde het dat een monteur mee moest: onder de te repareren auto uit, handen wassen, witte jas aan en snel in de ziekenauto.
Ik ging naar de autoschool in Apeldoorn, de ATS aan de Loolaan. Aan de overkant stond de poffertjeskraam, onze poffertjeskraam. Ik was in de stad in de kost voor 60 gulden per maand, later 70 gulden en mijn ouders kwamen één keer per maand op bezoek. Dan ging ik met mijn vader naar de automarkt. Na school kwam ik bij mijn vader in loondienst.
Dealer
In 1969 wordt Van Amersfoort Toyota-dealer. De zaken gaan goed en nu wordt de garage toch echt te klein, maar waar kan je in Laren naartoe? Dan stopt de garage Keuker en in 1977 verhuist Van Amersfoort naar de Eemnesserweg. Er komen een showroom en een receptie, kortom alles wordt moderner, ook de ziekenauto vindt er natuurlijk weer een plaatsje. Op de plaats van de oude garage komen winkels met appartementen erboven. Voordat hij gesloopt wordt, schildert Rutgers, de banketbakker, de oude garage nog. In 1987 krijgt vader Koen een lintje van burgemeester Hendriks: de medaille verbonden aan de orde van Oranje-Nassau, in zilver. Het bedrijf bestaat dan 75 jaar en vader Koen is 35 jaar directeur. Het bedrijf heeft dan 16 medewerkers.


Koen (22/6/1945)
Na opa en vader heb ik het bedrijf geleid, tot het in 2005 verkocht is aan een projectontwikkelaar met de bedoeling dat er appartementen zouden komen.
Nog wat verhalen: Met Jan Wortel had ik een keer een patiënt naar het Sint Jan gebracht. We wilden net weggaan, toen we twee leerling-verpleegsters tegenkwamen, zij moesten een dode afleggen in het lijkhuisje en dat bevond zich ongeveer op de plek van de Jumbo nu, in een donker bosje. Zij durfden daar eigenlijk niet naartoe, dus wij zijn met ze meegelopen naar het lijkhuisje.
Ook was er een keer een Bussumse dame die een Goggomobil had, de auto wilde niet starten. Accu leeg. Wij zeiden: we gaan je aanslepen, we legden een sleepkabel neer en instrueerden haar het contact aan te doen, de versnelling in de twee te zetten, de koppeling in te trappen, wij gaan langzaam vooruit rijden en dan zal de auto het weer gaan doen, zeiden we. Tot zover ging het allemaal goed. Wij slepen, de Goggomobil start, en de vrouw haalt ons in… Dat gaf me toch een klap. We hadden er bij nader inzien duidelijk bij moeten zeggen dat de sleepkabel ook weer verwijderd moest worden.
We werden een keer gebeld, dat we naar de Drift moesten, achter de Drift was toen nog een beetje een natuurgebied, er had daar een man met een hond gelopen en die had een Ford Cortina zien staan in het bos. Drie dagen later stond de Ford Cortina er nog steeds, toen is de man eens in de auto gaan kijken, zag daar iemand zitten en heeft de politie gebeld. De man in de auto had zelfmoord gepleegd, en wij moesten zo iemand in die tijd dan met de ambulance ophalen.
Einde
In 2005 komt er na 93 jaar er een einde aan garage Koen van Amersfoort. Na Koen en Koen en Koen , komen er in de volgende generaties weer een Koen en Koen, maar deze Koenen kiezen een heel ander vak.
Bronnen: Laren door de jaren heen van Bep G.L. De Boer sr.; 1996 Europese bibliotheek Zaltbommel. Informatie en foto’s komen van Koen van Amersfoort zelf.



