Koningin Juliana 50 jaar geleden op werkbezoek in het Gooi
Bijna vijftig jaar geleden, op 7 juni 1974, bracht Koningin Juliana een werkbezoek aan het Gooi. Archivaris Gerard Morsink dook een aantal leuke foto’s op van het deel van haar bezoek dat aan Laren gewijd was.
Dit artikel is afkomstig uit Kwartaalbericht 168 [2024-2]. Leden van de Historische Kring Laren ontvangen het kleurrijke glossy magazine 4 keer per jaar. U kunt hier lid worden. Losse nummers zijn à € 9,50 per stuk in de Lindenhoeve en bij Bruna en de Larense boekhandel te koop, zolang de voorraad strekt.
Tekst: Peter Vos en Wim Keizer
Enig speurwerk in het digitale archief van Laarder Courant de Bel leverde bijgaand artikel op (zie afbeelding). Restte nog de vraag te beantwoorden waarom ze de gemeenten Huizen, Blaricum en Laren aandeed en ook daar zijn we achter gekomen (bron: Archieven Gewest Gooiland 17.0004512).
Samenwerken noodzaak
De gemeenten in ’t Gooi zijn al jaren (eeuwen?) zodanig met elkaar verweven of op elkaar aangesloten dat beleid dat de ene gemeente maakt ten behoeve van bijvoorbeeld woningbouw of natuurbeheer direct te maken krijgt met beleid dat een andere gemeente maakt. Dit ten goede of ten kwade. Met elkaar samenwerken was daarmee al vroeg een onderkende noodzaak.
Het werkbezoek van Koningin Juliana speelde daarop in. Enerzijds was zij nieuwsgierig naar de problematiek in het Gooi, anderzijds wilde het Gooi laten zien hoe het werkte aan oplossingen.
De overgang van de ene op samenwerking gerichte organisatie naar de andere vormde aanleiding om een bijzondere gewestraadsvergadering bij te wonen in Huizen, waarna een meer culturele tour door de gemeenten Huizen, Blaricum en Laren volgde.


Artikel Laarder Courant De BEL, 11 juni 1974.
Hieronder worden de redenen wat meer uitgelicht, zoals we die aantroffen in het genoemde archiefstuk op de website van de Regio (v/h het Gewest).
Regionale samenwerking binnen het Gooi in vogelvlucht
De aanloop naar een regionale samenwerking in de Gooi en Vechtstreek kent zijn oorsprong in de jaren twintig van de vorige eeuw en was gericht op het beheer van de natuur. Om dit bestuurlijk beter te kunnen organiseren werd in 1935 de vereniging Vrienden van het Gooi opgericht, dewelke vele jaren later in 1959 een congres organiseerde tot het realiseren van een verdergaande samenwerking tussen Gooise gemeenten. Het gaf de aanzet tot het oprichten van een Gewest Gooiland.
In 1966 was de conclusie dat het Gooi met name op het gebied van woningbouw sterk achterbleef bij het landelijk gemiddelde. Dit vroeg om een brede aanpak, omdat het realiseren van woningbouw de mogelijkheden van individuele gemeenten oversteeg. De oplossing, zo concludeerde het congres, kon alleen worden gevonden door een plan van allure. Er zou een streekplan moeten komen om op de korte termijn op de Ooster Meent in Huizen te kunnen gaan bouwen en op de wat langere termijn op de Hilversumse Meent.
Het Gewest Gooiland bestaande uit de gemeenten Hilversum, Bussum, Naarden, Huizen, Laren en Blaricum werd opgericht met als doel meer zaken gemeenschappelijk aan te pakken. Op 17 november 1967 hield het haar eerste vergadering. Besloten werd tot het oprichten van vier interne commissies, n.l. Ruimtelijke Ordening, Vestigingscommissie, Commissie Natuurschoon en Recreatie en de Commissie Milieuhygiëne. De focus lag op het realiseren van zoveel mogelijk woningen met het behoud van het karakter van het Gooi. Een mooie, maar lastige combinatie.

7 juni 1974: Koningin Juliana bezoekt de bijzondere gewestraadsvergadering in de raadszaal van de Gemeente Huizen. Voorzitter Bogaers van het Gewest Gooiland ontvangt haar.
Voorzitter zwaargewicht
Tot voorzitter van het Gewest Gooiland werd een ‘zwaargewicht’ benoemd, Dr. P. Bogaers, de op dat moment in Laren woonachtige ex-minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en van Verkeer en Waterstaat. Hij zou deze functie van 15 december 1968 tot 1 september 1974 vervullen.
In de rede bij zijn installatie op 20 december 1968 ziet hij voor het Gewest “een coördinerende, beter nog, een bemiddelende functie, teneinde de ‘verschillend gerichte ogen’ van diverse bestuurslagen als zij zich bezighouden met het Gooi, te vervangen door ‘gelijkgerichte ogen’.”
Hij vervolgt met: “in een ruimtelijk kwetsbaar gebied als het Gooi loop je alle kans de zaak onbestuurbaar te maken door al te stringent te blijven vasthouden aan de huidige opvattingen van de consequenties die getrokken dienen te worden uit de formule ‘elke bestuurslaag zijn eigen verantwoordelijkheid’. In een veel eerder stadium moeten de opvattingen van de bestuurslagen worden geïntegreerd.”
Om uiteindelijk te eindigen met: “De motor, die de kracht van de polsslag hier in het Gooi bepaalt, heet: vertrouwen. Dat vertrouwen hebben we voor een deel in onze eigen hand. De situatie van vandaag vraagt aan ons allemaal een ernstige poging te doen enigszins boven onszelf uit te groeien t.b.v. de Gooise zaak, die ons aller zaak is.(…)”.

Minister P.C.W.M. Bogaers tijdens de behandeling van de huurwet in de Tweede Kamer (26 oktober 1965). Bron: Wikipedia
In Den Haag zit men ondertussen ook niet stil: vanaf 1971 is men bezig met de herstructurering van het lokaal bestuur, waarbij de opname van elke gemeente binnen een gewest een zekerheid is. In het Gooi bestaat reeds het Gewest Gooiland hetgeen over zal gaan in het uitgebreidere Gewest Gooi & Vechtstreek met daarin opgenomen o.a. de gemeenten Muiden en Weesp. Tot zover weergave inhoud archiefstuk.
En juist dit brengt ons in 1974 bij het werkbezoek van Koningin Juliana aan het Gooi: zij laat zich op de hoogte stellen over de problematiek in het Gooi (huisvesting) en ontvangt het plan voor realisering van het Gewest.




